Taalklas type 7 voor wie ?

Taalklas kleuters:
Voor kleuters met een “vermoeden van ontwikkelingsdysfasie”, bij kinderen vanaf 6 jaar (in het geval van een vraag naar verlengd kleuteronderwijs) moet de diagnose “ontwikkelingsdysfasie” gesteld zijn. Dit vermoeden/deze diagnose moet gesteld worden door een erkende multidisciplinaire dienst: COS, Mucla of CAR. Gezien de lange wachtlijsten op deze diensten bestaat er voor het schooljaar 2015-2016 een overgangsmaatregel: een CLB kan een leerling verwijzen naar het KIDS voor logopedisch en audiologisch onderzoek en onderzoek door een NKO-arts. Op basis van deze onderzoeken kan al dan niet de diagnose “(vermoeden van) ontwikkelingsdysfasie” gesteld worden.

Taalklas lagere school:
Voor kinderen ouder dan jaar met een diagnose “ontwikkelingsdysfasie”. Indien de leerling op het ogenblik van verwijzing of bij de start in de lagere school nog geen zes jaar is volstaat de diagnose “vermoeden van ontwikkelingsdysfasie”. Dit vermoeden/deze diagnose moet gesteld worden door een erkende multidisciplinaire dienst: COS, Mucla of CAR. Gezien de lange wachtlijsten op deze diensten bestaat er voor het schooljaar 2015-2016 een overgangsmaatregel: een CLB kan een leerling verwijzen naar het KIDS voor logopedisch en audiologisch onderzoek en onderzoek door een NKO-arts. Op basis van deze onderzoeken kan al dan niet de diagnose “(vermoeden van) ontwikkelingsdysfasie” gesteld worden.